Perifeer waarnemen komt er op neer dat we alles om ons heen waarnemen en niet focussen op een deel van onze omgeving. Als je je aandacht richt op een deel van je omgeving leidt dit tot een 'stopping mind'. Je bent alleen op dat deel van je omgeving geconcentreerd en verliest daarom het overzicht en aandacht voor de rest van je omgeving.

 

Een voorbeeld uit de alledaagse praktijk:
Als een persoon een auto bestuurt en hij focust op de weg en nog net op de auto voor hem, zal dit leiden tot een situatie waarin hij bochten te laat ziet en schokkerig zal nemen. Indien deze persoon in een file terecht komt of in een rij auto's voor een rood stoplicht, zal hij pas reageren als zijn voorganger op de rem gaat staan. In dit geval is er sprake van een 'stopping mind' en 'tunnel vision'. De kans is groot dat de persoon te laat zal reageren.

 

Als dezelfde persoon echter de gehele omgeving om zich heen bekijkt, zo ver als hij kan zien, en zijn aandacht niet concentreert op een deel, leidt dit tot perifere waarneming.

 

Perifeer kijken komt erop neer dat je niet alleen naar voren maar ook opzij, naar beide zijden kijkt, en ook naar onder en naar boven. Je moet niet alleen perifeer kijken, maar ook gewaarworden van hetgeen je ziet, perifeer waarnemen dus.
Onderstaand een tweetal oefeningen in het perifeer leren waarnemen:

 

Oefening 1
Sta schouder breedte, rechtop. Je hoofd is rechtop en je kijkt vooruit in de richting van een punt 30 tot 40 meter voor je op de grond. Hou je hoofd stil en probeer nu zoveel mogelijk waar te nemen van de omgeving links van je. Je ogen mag je hierbij naar links draaien. Onthoud wat je gezien hebt. Doe nu hetzelfde voor de omgeving rechts van je. Hou je hoofd wederom stil en probeer zoveel mogelijk waar te nemen van de omgeving aan je rechterkant. Je ogen mag je hierbij wederom draaien. Onthoud wat je gezien hebt. Probeer nu links en rechts te combineren. Je kijkt vooruit maar probeert tegelijkertijd zoveel mogelijk waar te nemen van de omgeving links en rechts van je. Kun je net zoveel waarnemen aan je linkerkant en je rechterkant als bij de afzonderlijke oefeningen? Waarschijnlijk niet, maar als je beter wordt in deze oefening komt het daar steeds meer in de buurt en ontwikkel je een perifere waarneming. Dezelfde oefening kun je doen met het waarnemen naar boven en naar onder en deze vervolgens combineren. Als laatste kun je alle oefeningen samen voegen. Je neemt dan je omgeving links, rechts, boven en onder zo ver mogelijk waar.

 

Oefening 2
Deze oefening doe je samen met een partner. Je staat tegenover je partner. Je partner beweegt zijn vlakke handen voor je, maar ook opzij, links en rechts, en onder en boven. Jij probeert de handen van je partner te raken met een techniek, bijvoorbeeld een stoot.
Voer deze oefening uit met de volgende variaties:
• Focus op de hand(en) van je partner die probeert te raken.
• Focus op de ogen van je partner, terwijl je de techniek uitvoert om je partner te raken.
• Gebruik je perifere waarneming terwijl je de techniek uitvoert.
Welke variatie werkt het beste? Waarschijnlijk kom je tot de ontdekking dat je perifere waarneming de beste resultaten geeft.

 

Veel succes met oefenen!